Paulus: een missionair stadsmens
De evangeliën hebben voornamelijk het platteland als decor. Het grootste deel van
Jezus’ bediening centreert zich met name rondom Galilea met zo nu en dan een
uitstap. De voornamelijk agrarische voorbeelden in de gelijkenissen van Jezus sluiten
daarop aan. Deze voorbeelden schetsen een context die herkenbaar was voor de mensen tegen wie Hij sprak. De bediening van Jezus verplaatst zich pas in het laatste deel van Zijn leven op aarde naar de stad Jeruzalem, het Joodse religieuze centrum van die tijd. Jezus sterft en staat op net buiten Jeruzalem.
De discipelen krijgen na de hemelvaart de opdracht om in Jeruzalem te wachten op de Heilige Geest. Na de uitstorting van de Heilige Geest op de Pinksterdag verschuift het decor in Handelingen permanent van het platteland naar de stad. De apostelen blijven in Jeruzalem en ook de apostel Paulus blijkt tijdens zijn missionaire bediening vooral een stadsmens te zijn (Hnd.8:1).
Paulus koos steden van invloed uit om daarin gemeenten te stichten. Wanneer we zouden willen spreken van een missionaire strategie bij Paulus, dan is deze gelegen in het feit dat de stad zijn eerste doel was. Wanneer Paulus in het Nieuwe Testament aan gemeenten brieven schreef dan bevonden deze zich voornamelijk in de urbane centra van het Romeinse rijk. Aan het einde van de Romeinenbrief schrijft hij: “Zo heb ik van Jeruzalem uit rondreizende tot Illyrië toe, de prediking van het Evangelie van Christus volbracht” (Rom.15:19, NBG). In de praktijk hield dat in dat hij in steden christelijke gemeenten had geplant. Deze waren aan Paulus en zijn medewerkers verbonden door de brieven die hij schreef en de bezoeken die zij brachten.
Politieke rol van steden
De stad was de belangrijkste plaats waar het sociale, politieke en economische leven zich afspeelde. Ferguson zegt dan ook terecht dat het Romeinse Rijk, meer dan de beschavingen daarvoor, een stedelijke beschaving was. De stad was het middel om het Romeinse Rijk te besturen en uit te breiden. Waar geen steden waren op plaatsen waar dat wel gewenst was, werden ze nieuw gebouwd naar het model van Rome. In een stad in Gallia (huidige Frankrijk) kon men zich evenzeer thuis voelen als in Azië (huidige Turkije). Waar de Romeinen geen nieuwe steden hoefden te bouwen, werden bestaande steden gerenoveerd of uitgebreid. Steden waren de plaatsen waar de toekomst begon. Het waren de administratieve centra om de provincies in het rijk te besturen. Het belang van de stad wordt onderstreept door de indeling volgens de privileges die aan haar waren toegekend.
De belangrijkste categorie steden waren de Romeinse kolonies. In deze steden vestigden zich vooral gepensioneerde militairen: Rome buiten Rome. Deze steden werden soms gedeeltelijk of geheel gevrijwaard van het betalen van belastingen. Onder andere Troas, Filippi en Korinte waren zulke Romeinse koloniën. De steden die in belangrijkheid daarop volgden, werden bewoond door Romeinse burgers. Deze zelfstandige steden hadden afspraken met Rome gemaakt die nageleefd moesten worden. In ruil daarvoor kreeg men specifieke privileges en de bescherming die bij het burgerschap hoorde. De ‘Latijnse’ steden stonden daar dan weer onder. Deze steden had den geen speciale rechten en werden pendariae genoemd, dat wil zeggen betalers van schatting. Het stadsbestuur werd gevormd door een magistratuur dat de verbinding met Rome vormde. De magistratuur bestond uit gekozen ambtenaren die voor een periode werden aangesteld. Tot slot waren er de vrije steden die met eigen opgestelde wetten werden bestuurd. Voorbeelden van vrije steden in het Nieuwe Testament zijn Efeze en Antiochië (in Syrië). Twee steden die in de bediening van Paulus een grote rol speelden. We zullen nu wat meer inzoomen op Antiochië en de rol van de stad voor de omgeving schetsen.
Antiochië: springplank voormaatschappelijke vernieuwing
De uitbreiding van de christelijke gemeente krijgt buiten Israël in het begin vooral vorm vanuit Antiochië in Syrië. Deze stad was in deze tijd, naast Rome en Efeze, de belangrijkste stad van het Romeinse Rijk. Het was een centrum van politieke, militaire en commerciële invloed tussen Rome in het westen en Perzië in het oosten en van het zuiden naar het noorden tussen Palestina en Klein Azië. Er bevond zich een aanmerkelijke en levendige Joodse gemeenschap. De internationale invloed is merkbaar in het multiculturele leiderschap van de gemeente in Antiochië (Hand.13:1-3). Naast Barnabas en Saulus krijgen drie andere personen extra aandacht. Simeon wordt in het Latijn Niger genoemd, waarschijnlijk door zijn donkere huidskleur. Lucius komt uit Cyrene, een plaats in Noord-Afrika.
Tot slot noemt Lukas Manaën, die als kind opgroeide met Herodes Antipas, de jongste zoon van Herodes de Grote. De gemeente in Antiochië weerspiegelt de etnisch en cultureel diverse bevolkingsopbouw van de stad en bestaat uit mensen met verschillende culturele achtergronden, benadrukt Ajith Fernando in zijn commentaar op Handelingen. In Paulus’ leven heeft de gemeente in Antiochië een belangrijke rol gespeeld. Hij werkte er geruime tijd en werd er ook door uitgezonden (Hand.11:26; 13:2). Hij komt er ook verschillende malen terug om te vertellen wat God heeft gedaan, om naar lichaam en geest te herstellen en om zich voor te bereiden voor een volgende reis (Hand.14:26-28, 18:22-23).
In Paulus’ leven heeft de gemeente in Antiochië een belangrijke rol gespeeld.
Uit de multiculturele opbouw van de gemeente kunnen we opmaken dat een groot aantal gelovigen vanuit een andere context naar Antiochië waren gekomen. De stad was de plaats waar het bestuur van de regio was gecentreerd. De stad verbond mensen met de rest van de toenmalige wereld. Het was ook een plek waar veranderingen eerder plaatsvonden. Het waren centra waarin mensen op zoek gingen naar nieuwe uitdagingen en of naar mogelijkheden voor een beter leven. In de stad gebeurde ‘het’. Een monocultureel dorp had over het algemeen een conservatievere instelling en riskeerde geen radicale veranderingen die invloed zouden kunnen hebben op de stabiliteit. Daarom vertrokken mensen vaak naar de stad als ze veranderingen in het leven zochten. Het christendom bracht een nieuwe boodschap en een nieuw perspectief. Door de grotere openheid van mensen in de stad was er in de stad daarvoor een vruchtbaardere bodem. Het is dus begrijpelijk dat juist de stad zo’n belangrijke plaats heeft ingenomen bij Paulus als springplank voor zijn bediening in andere regio ́s in het Romeinse Rijk.
De stad als invloedrijk centrum voor de regio
Wayne Meeks, schrijver van het invloedrijk ‘The first urban Christians’, noemt Paulus een stadsmens. Via Paulus wordt de plattelandscultuur van Galilea verlaten en doet de grieks-romeinse stad zijn intrede op het toneel van de evangelieverkondiging. De brieven die hij schrijft aan gemeenten zijn bijna allemaal gericht aan gemeenten in de meer invloedrijke en representatieve steden. Zelfs de brief aan de Galaten die geschreven is aan gemeenten in die regio, zal zijn gelezen door gelovigen uit Ikonium, Derbe en Lystra (Hand.14:1-20). De stad vertegenwoordigde bij Paulus vanuit missionair opzicht de grotere regio eromheen. In 1Kor.16:19 spreekt hij over de gemeenten in Asia en dit zal niet alleen de gemeente van Efeze zijn geweest. In 2Kor8:1 spreekt hij over de gemeenten in Macedonië en het ligt niet voor de hand dat dit dan alleen de gemeenten van Filippi en Tessalonica waren. Filippi stond voor Macedonië (Fil.4:15), Tessalonica stond voor Macedonië en Achaje (1Tes.1:7vv), Korinthe stond voor Achaje (1Kor.16:15, 2Kor.1:1) en Efeze stond voor Azië (Rom.16:5, 1Kor.16:19, 2Kor.1:8).
Paulus’ missionaire activiteiten waren met name op de stad gericht. In Korinthe woont hij anderhalf jaar (Hand.18:10), in Efeze iets meer dan twee jaar (Hand.19:8, 10). De mensen in de stad die tot geloof waren gekomen, deelden vervolgens het evangelie met mensen in de regio. In de stad bevonden zich mensen met verschillende culturele achtergronden die veel communicatielijnen hadden met de niet-Joodse wereld. De prediking in de gemeente kan een bijdrage hebben geleverd om mensen uit de regio te bereiken (1Kor.14:23-25). Ook het persoonlijk contact was van belang (1Pet.3:15, Hand.21:8). De gemeente in Kenchreeën kan bijvoorbeeld gesticht zijn vanuit Korinthe (Rom.16:1). Epafras stichtte de gemeente in Kolosse vanuit de al bestaande gemeente van Efeze (Kol.1:7-8). Ook in Openbaring 2-3 worden verschillende gemeenten in Klein-Azië genoemd. Het feit dat de stad Efeze als eerste wordt genoemd, kan erop duiden dat dit het missionaire centrum was van waaruit de andere gemeente waren ontstaan zonder dat Paulus daarbij betrokken was. Deze strategie paste Paulus in meerdere steden toe.
De aanpak verklaart het vers aan het einde van de Romeinenbrief, Rom.15:19. Paulus zegt dat hij zijn werk heeft volbracht, terwijl hij niet overal lijfelijk aanwezig is geweest tussen Jeruzalem en Illyrië. In de beleving van Paulus, met de stedelijke strategie in het achterhoofd, heeft hij het zaad geplant op invloedrijke plaatsen van waaruit vervolgens het evangelie verder is verspreid. De gemeente in een stad was het middel om in de landelijke regio daaromheen meer gemeenten te stichten. De keuze voor specifieke steden blijft echter onduidelijk. Zoals gezegd, Lukas en Paulus laten zich daar niet over uit. Er is dan ook geen gemeenschappelijke reden aan te wijzen. Sommige steden waren Romeinse kolonies, anderen agrarische centra, bij sommige was Grieks de voornaamste taal, anderen hadden een grote Joodse gemeenschap. Volgens Meeks hebben de steden één kenmerk gemeenschappelijk en dat is dat ze goed te bereiken waren via land en of via zee.
Steden als religieuze centra van het Jodendom
Er is nog niet gesproken over de Joden die Paulus steeds als eerste op het netvlies had. Paulus wilde niet alleen de heidenen bereiken, hij richtte zich steeds eerst op zijn broeders in het geloof. Zelfs wanneer hij in Rome gevangen zit, maakt hij ook daar eerst contact met de Joden, ondanks de tegenstand die hij daarvoor in bijna elke stad had ervaren (Rom.28:17, 2Kor.11:24). Wanneer hij hen bekend wilde maken met het evangelie van Jezus Christus, was daarvoor stad de uitgelezen locatie. Het is bekend dat er in de grotere steden veel Joden woonden. Dat gold met name voor Alexandrië en het al besproken Antiochië in Syrië. Volgens de Joodse filosoof Philo waren er Joden in grote getale in Klein Azië en in het gebied waar Paulus zijn bediening had.
Zelfs wanneer hij in Rome gevangen zit, maakt hij ook daar eerst contact met de Joden, ondanks de tegenstand die hij daarvoor in bijna elke stad had ervaren.
Van de geschiedschrijver Josephus is bekend dat er veel Joden waren in Lydië en Frygië (Joodse Oudheden, 12.147-153). Hij benadrukt dat dit niet alleen voor deze twee specifieke regio’s gold, maar voor geheel Klein Azië. Ook Efeze had een aanzienlijke Joodse populatie. Zo zijn er meer bronnen die bevestigen dat in de steden veel Joden woonden. Zij waren goed geïntegreerd in het stadse leven. Tijdens het bezoek aan een stad, lag de eerste focus van Paulus op de synagoge die hij op de sabbat bezocht. Daarnaast bezochten veel vereerders van God de synagogen. Dit waren mensen die in de God van Israël geloofden, maar van geboorte geen Jood waren (Hand.13:43, 17:4). Zij bleken met name open te staan voor de boodschap die Paulus bracht (Hand.13:43, 17:4, 17:17, 18:7).
Conclusie
De focus van Paulus lag bij de stad. In zijn missionaire strategie namen stedelijke omgevingen een belangrijkste plaats in. De openheid voor het evangelie was daar het grootst, omdat mensen in de stad eerder geneigd waren nieuwe ideeën te omarmen dan mensen op het platteland. Bij mensen uit de stad was de kans dus groter dat het ‘early adopters’ waren. De multiculturele stedelijke omgeving zorgde voor een groot aantal communicatielijnen naar de regio, zodat het evangelie zich snel kon verspreiden. In de grote steden woonden daarnaast veel Joden die daar hun religie vormgaven in de synagogen. Paulus heeft steeds geprobeerd hen als eersten te bereiken met het evangelie van de Messias. Paulus heeft zijn tijd en mogelijkheden zeer effectief gebruikt. Hij richtte zich bij het stichten van nieuwe gemeenten alleen op die plaatsen waar het evangelie nog niet had geklonken (Rom.15:20). De evangelieboodschap werd op deze manier snel verspreid over het toenmalige Romeinse Rijk waarbij de stad als katalysator heeft gewerkt.
➡️ Wil je meer leren? Maak gebruik van de StudieBijbel app of andere inspirerende artikelen! Op onze socials bieden we je ook leuke inspiratie!
Dit artikel komt uit een StudieBijbel magazine dat verscheen in 2020 en is geschreven door Haije Bergstra. Wil je meer artikelen lezen? Bestel ‘n magazine! Dat kan hier al vanaf €4,95.




